Met onderstaande oefening kun je oefenen met + en − sommen. De volgende + en − sommen kunnen hierin voorkomen: minsommen met een uitkomst tot 10.

11 - 9 =
6 - 5 =
7 - 3 =
10 - 5 =
9 - 2 =
4 - 4 =
10 - 6 =
11 - 6 =
4 - 1 =
10 - 8 =

Nog meer oefeningen doen met + en − sommen? Keer dan terug naar de pagina + EN − SOMMEN.

Contactmogelijkheden

Over Oefenplein

Verklaringen

Oefeningen

arrow_up